|
|
De olijf is de vrucht van de olijfboom (Olea europaea), een boom van de olijffamilie (Oleaceae). Het geslacht Olea telt ongeveer 30 soorten met een groot spreidingsgebied, voornamelijk in de Oude Wereld. De olijf wordt zelf gegeten en er wordt olijfolie uit gewonnen.
|
|
|
De boom groeit aanvankelijk relatief langzaam, heeft een dikke stam en lange wortels. Vanwege de groei van de wortels, moet er telkens een minimale afstand tussen de bomen worden aangehouden bij het beplanten. Pas na 5 jaar begint de boom vruchten te dragen. Olijfbomen kunnen vele honderden jaren oud worden.
|
|
|
De herkomst van de boom ligt waarschijnlijk in de gebieden rond het oostelijk deel van de Middellandse Zee, zoals Syrië en Klein-Azië. Al duizenden jaren wordt de boom in de literatuur van landen rond de Middellandse Zee genoemd, zoals in Griekse mythologie en Tenach. Het Joodse volk kende de olijfboom al zo'n 3000 jaar geleden en in hun cultuur wordt de boom nog steeds als symbool van vrede en geluk gezien. Rond 600 v. Chr. verbreidde de teelt van olijfbomen zich naar Griekenland of Noord-Afrika en naar andere Mediterrane landen. Ook in andere delen van de wereld, zoals Australië, Florida, Brazilië, Mexico, en China worden tegenwoordig olijven geproduceerd. In Nederland worden olijven wel geteeld als kuipplant.
|
|